Stedin geeft groot deel Rotterdamse woningbouwprojecten zekerheid over stroomaansluiting
De woningbouw in Rotterdam kan de komende jaren voor een groot deel doorgaan dankzij een besluit van netbeheerder Stedin. Het overgrote merendeel van de woningbouwprojecten die vóór 1 april 2029 van start gaan, krijgt een stroomaansluiting. Dat is belangrijk nu netcongestie, waarbij de vraag naar elektriciteit groter is dan de beschikbare capaciteit op het elektriciteitsnet, steeds vaker de ontwikkeling van nieuwe projecten belemmert.
Stedin heeft het college van burgemeester en wethouders over de uitkomst geïnformeerd. Wethouders Chantal Zeegers (Bouwen en Mobiliteit) en Sabine Biesheuvel (Klimaat, Circulair en Buitenruimte) hebben de gemeenteraad hierover een brief gestuurd. Volgens Zeegers biedt het besluit ruimte om de Rotterdamse woningbouwambities verder uit te voeren. De gemeente wil in vier jaar tijd 15.000 woningen realiseren, waaronder 4.500 sociale huurwoningen en 5.500 woningen in het middensegment. Daarmee moet het woningaanbod toegankelijker worden voor verschillende groepen woningzoekenden.
Landelijke regeling maakt aansluitingen mogelijk
De uitkomst volgt uit de beoordeling van de landelijke regeling ‘onder handen werk’ (OHW) door Stedin. Deze regeling is bedoeld voor woningbouwprojecten die al ver zijn voorbereid, maar waarvoor een aansluiting op het elektriciteitsnet door netcongestie niet vanzelfsprekend is. Onder bepaalde voorwaarden kunnen deze projecten alsnog capaciteit toegewezen krijgen, zodat de bouw niet onnodig hoeft te worden uitgesteld.
Een belangrijke voorwaarde is dat de bouwwerkzaamheden aantoonbaar vóór 1 april 2029 beginnen. Gemeenten en projectontwikkelaars zijn verantwoordelijk voor het aanmelden van projecten. De regeling richt zich daarmee op woningbouw die voldoende concreet is voorbereid en binnen de gestelde termijn kan starten. Voor Rotterdam betekent de beoordeling dat het merendeel van de betreffende projecten uitzicht heeft op een stroomaansluiting.
Grote woningbouwlocaties kunnen verder
De beschikbare aansluitcapaciteit biedt perspectief voor verschillende grote gebiedsontwikkelingen in Rotterdam. Projecten in de Rijnhaven, Merwe-Vierhavens (M4H) en de eerste ontwikkelingen aan de Oostflank kunnen hierdoor verder worden voorbereid en uitgevoerd zonder dat een aansluiting op het elektriciteitsnet automatisch een blokkade vormt.
De uitkomst is van belang omdat nieuwe woningen niet alleen bouwkundige werkzaamheden vereisen, maar ook een betrouwbare elektriciteitsvoorziening nodig hebben. Door de aansluiting voor een groot deel van de woningbouwprojecten mogelijk te maken, ontstaat meer zekerheid over de voortgang. Dat ondersteunt de ambitie om de komende jaren duizenden woningen te realiseren, ondanks de beperkingen op het elektriciteitsnet.
Netcongestie blijft een knelpunt voor andere voorzieningen
Hoewel de regeling de woningbouw vooruithelpt, is het probleem van netcongestie in Rotterdam niet opgelost. De beschikbare capaciteit via de OHW-regeling is bedoeld voor woningen. Commerciële voorzieningen binnen dezelfde gebiedsontwikkelingen, zoals winkels en horeca, vallen niet automatisch onder deze regeling en kunnen daardoor met aansluitproblemen blijven kampen.
Ook andere voorzieningen die samenhangen met de groei van de stad hebben elektriciteit nodig. Denk aan scholen, laadpalen voor elektrische auto's en het openbaar vervoer. Daardoor kan een woningbouwproject wel doorgaan, terwijl onderdelen van de omliggende infrastructuur of voorzieningen nog afhankelijk zijn van beschikbare netcapaciteit. De verdeling van schaarse capaciteit blijft daarmee een belangrijk aandachtspunt bij de verdere ontwikkeling van Rotterdam.
Rotterdam werkt aan beter gebruik van het elektriciteitsnet
Via de Rotterdamse Aanpak Netcongestie werkt de gemeente samen met Stedin, het Rijk, bedrijven, instellingen en bewoners aan oplossingen. Het doel is om de beschikbare elektriciteitscapaciteit zo efficiënt mogelijk te benutten en tegelijkertijd ruimte te houden voor nieuwe ontwikkelingen in de stad.
De komende maanden onderzoekt Stedin hoeveel capaciteit na de beoordeling van de woningbouwprojecten beschikbaar blijft voor andere projecten op de wachtlijst. Daarbij wordt ook gekeken naar de gevolgen voor woningbouwontwikkelingen die afhankelijk zijn van een commerciële plint: de begane grond van een gebouw waar bijvoorbeeld winkels of andere voorzieningen zijn gevestigd.
Verdere duidelijkheid volgt in 2027
De gevolgen van de OHW-regeling voor andere projecten zijn nog niet volledig duidelijk. Vooral bij gebiedsontwikkelingen waar woningen en commerciële voorzieningen nauw met elkaar samenhangen, moet blijken in hoeverre de beschikbare stroomcapaciteit voldoende is om het complete plan uit te voeren.
Begin 2027 volgt een uitgebreidere analyse van de resterende capaciteit en de gevolgen voor projecten op de wachtlijst. Tot die tijd biedt het besluit van Stedin vooral zekerheid voor een groot deel van de Rotterdamse woningbouw. De bredere uitdaging blijft om voldoende elektriciteitscapaciteit beschikbaar te krijgen voor zowel woningen als de voorzieningen en infrastructuur die nodig zijn om de stad verder te ontwikkelen.










Ontvang gratis het laatste nieuws
Altijd up-to-date blijven van het laatste nieuws? Schrijf je dan in voor onze gratis nieuwsbrief met het laatste nieuws!


